Wisselwerking tussen darmen en brein verdient meer aandacht

Darmen en brein staan met elkaar in verbinding. We kennen allemaal de vlinders in de buik, of de buikpijn van de zenuwen. Maar weten we ook hóe nauw de hersenen en de darmen met elkaar zijn verbonden? Nederlanders mogen daar best wel iets meer van weten, zo blijkt uit recent Europees onderzoek van Yakult.

De laatste jaren wordt er veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de relatie tussen het brein en de darmen. Wetenschappers krijgen steeds meer kennis over de fascinerende wisselwerking. Maar zijn de consumenten ook al op de hoogte? Yakult liet er uitgebreid onderzoek naar doen onder volwassen Europeanen en Japanners. Zij werden gevraagd naar hun kennis over de darmen en het brein. Per land waren er circa 1000 deelnemers.
In het onderzoek kregen de deelnemers verschillende stellingen voorgelegd. Uitspraken van Nederlanders werden vergeleken met uitspraken van inwoners van andere landen. Dat leverde interessante feiten op. De belangrijkste conclusie: wij Nederlanders kunnen ons best wat meer verdiepen in het “onderbuikgevoel”.

Hoe werken darmen en brein samen?

Onze darmen en het brein zijn via een van de belangrijkste zenuwbanen nauw met elkaar verbonden. De darmen hebben een eigen zenuwstelsel, dat het enterische zenuwstelsel wordt genoemd. Dag en nacht wisselen darmen en brein signalen uit. Daarom worden de darmen ook wel het “tweede brein” genoemd. De darmbacteriën vervullen in deze communicatie een belangrijke rol. Zij maken namelijk stoffen aan die als signaalstof naar de hersenen gaan. Goed zorgen voor je darmen betekent daardoor ook goed zorgen voor je brein. En goed zorgen voor je brein heeft weer een positief effect op de darmen.

Wat weten Nederlanders over de relatie tussen brein en darmen?

Om met het goede nieuws te beginnen: de meerderheid van de Nederlanders (67%) weet dat er een relatie bestaat tussen de darmen en het brein. Maar… minder dan de helft van de Nederlanders (46%) beseft dat die relatie van twee kanten komt: de hersenen beïnvloeden de darmen, maar de darmen beïnvloeden óók de hersenen. Opvallend genoeg zijn millennials (24-34 jaar) het best op de hoogte van deze wederzijdse relatie (57%).

Slechts 1 op de 3 Nederlanders weet dat de darmen ook wel het “tweede brein” worden genoemd. In de rest van Europa is de score hier wat hoger (44%). De Italianen zijn koploper: zij weten het meest over de relatie tussen hersenen en darmen, en ze tonen ook de meeste interesse in darmgezondheid.

Nederlanders vinden darmen en hersenen heel interessant

Een ruime meerderheid van de Nederlandse consumenten (66%) heeft interesse in de hersenen, de darmen en de onderlinge relatie. Iets meer dan 2 op de 10 Nederlanders (21%) zijn zelfs erg geïnteresseerd in deze relatie. En weer zijn het de millennials die de meeste interesse hebben (80%). De jongste deelnemers aan het onderzoek (18-24 jaar oud) hebben de minste interesse in dit onderwerp (53%).

De meeste Nederlanders (68%) zouden zelfs wel eens een kijkje willen nemen in hun darmen, om te zien hoe het eruit ziet en om te weten of hun darmen gezond zijn. En waarom is er nou zoveel interesse voor de darmen? Maar liefst 89% van de  Nederlanders vindt dat de darmen heel belangrijk zijn voor de gezondheid. Daarmee scoren we net zo hoog als de rest van Europa.

Stress en emoties? Dat merk je aan je darmen

Ook is 89% van de Nederlanders ervan overtuigd dat je gevoelens van invloed zijn op de darmen. Ruim de helft van de Nederlanders (61%) gelooft dat somberheid, een slecht humeur of stress kan leiden tot darmproblemen. Daarmee scoren we wel lager dan de gemiddelde Europeaan: van hen denkt maar liefst 76% dat de stemming van invloed is op de darmen. Vrouwen en millennials herkennen die signalen van de darmen het best.

En is dit nou allemaal iets voor de meer “emotionele types” onder ons? Nee, vindt 2 van de 3 Nederlanders. Dit is iets dat bij iedereen voorkomt.

De meerderheid van Nederlanders doet aan emotioneel eten

Ongeveer driekwart van de Nederlanders (74%) denkt dat wat ze eten ook hun stemming beïnvloedt. Daarmee zitten we ongeveer op één lijn met de Europeanen (79%).

Dit principe werkt ook andersom, want bij emoties wordt eten vaak gebruikt als troost of afleiding. Meer dan de helft van de Nederlanders geven toe dat ze emotionele eters zijn. Ongeveer de helft doet dit soms, 23% doet dit vaak en minder dan 5% gebruikt eten altijd als uitlaatklep. Emotioneel eten komt iets vaker voor bij jongeren dan bij ouderen. Ook vrouwen scoren iets hoger op emotioneel eten dan mannen. De cijfers voor emotie-eten in Europa zijn redelijk vergelijkbaar. Met name de Engelsen, Ieren en Italianen doen aan emotie-eten. En wat eet men dan als de emoties opspelen? In Nederland zijn dat vooral melkchocolade, chips en koekjes. De Ieren en de Engelsen kiezen voor chocolade, koekjes en taart. En natuurlijk staat bij de Italianen pizza in de top 3 van comfort-foods!

Onze taal weerspiegelt de relatie tussen brein en darmen

Ongeveer de helft van de Nederlanders gebruikt gezegden om de rol tussen buik en brein te verklaren. Zo bezigt men bijvoorbeeld de term “het onderbuikgevoel” (47%). Ook in zwang zijn de “vlinders in de buik” (41%) en “de buik ergens van vol hebben”. Elders in Europa heeft men ook prachtige uitdrukkingen voor die onmiskenbare relatie tussen darmen en brein. In Engelstalige landen gebruikt men de uitdrukking “gut feeling” of “gut instinct”. In Frankrijk heeft men de angst in de buik: “avoir la peur au ventre”. In Italië zegt men “Ho un peso sullo stomacho” (ik heb een gewicht op mijn buik), als men erg bezorgd is.

We zijn best open over onze darmproblemen

Vier van de 5 Nederlanders praat over hun darmproblemen. De meesten (41%) beperken deze informatie wel het liefst tot de familie. Vooral jongeren en vrouwen houden hun darmproblemen het liefst binnen de familiekring. In Japan is het veel minder gebruikelijk om over darmproblemen te praten.  

Hoe zit dat nu met leefstijl en gezondheid? Opvallende uitkomsten!

De meeste Nederlanders vinden het belangrijk een gezond lichaam te hebben en een gezonde leefstijl te volgen. Voeding wordt daarbij hoog gewaardeerd, vanwege het gevoel en het effect op gezondheid. Maar: voeding wordt minder hoog ingeschat dan beweging als het gaat om gezond leven. Slechts 38% vindt voeding belangrijker voor de gezondheid dan beweging.

Gezond leven is goed voor de darmen, maar voor de hersenen?

Drie van de vijf Nederlanders vindt een gebalanceerde voeding belangrijk voor de darmen. Maar slechts 44% gelooft dat goed eten óók belangrijk is voor de mentale gezondheid. Iets meer vrouwen dan mannen geloven wel in dat verband. Ook millennials zijn vaker overtuigd van het positieve effect van gezond eten op de mentale gezondheid.

Als het gaat om beweging, zijn de overtuigingen juist andersom. Meer dan de helft van de onderzochte Nederlanders gelooft dat beweging goed is voor de mentale gezondheid. Terwijl minder dan de helft gelooft dat beweging ook goed is voor de darmen.

En als we kijken naar ontspanning? Van de bekende ontspanningstechnieken, zoals yoga en meditatie, vindt 59% van de Nederlanders dat ze goed zijn voor het mentale welbevinden. Maar de link met de darmen wordt minder snel gelegd: slechts 21% van de Nederlanders denkt dat deze ontspanningstechnieken ook heilzaam zijn voor de darmen. In Engeland, Italië en Japan is men er meer van overtuigd dat meditatie en yoga goed zijn voor de darmen. Bij slaap ziet men wat duidelijker de connectie: de helft van de Nederlanders (50%) vindt slaap belangrijk voor de darmen en 72% vindt slaap belangrijk voor het mentale welbevinden.

Over probiotica is men verdeeld

Ruim de helft van de Nederlanders (56%) denkt dat regelmatig probiotica nemen goed is voor de darmgezondheid of de mentale gezondheid. In de rest van Europa is men meer overtuigd van het nut van probiotica: 69% denkt dat het goed is voor de darmen of mentale gezondheid. Vrouwen zijn iets meer overtuigd van de voordelen van probiotica voor hun darmen. Slechts 20% van de Nederlanders denkt dat probiotica ook gunstig kunnen zijn voor het mentale welbevinden, terwijl 41% denkt dat probiotica gunstig kunnen zijn voor de darmen.  

Conclusie: meer aandacht nodig voor de wisselwerking tussen darmen en brein

Nederlanders hebben minder kennis over de unieke samenwerking tussen darmen en hersenen dan andere Europeanen. Meer kennis over deze relatie zou goed zijn, want dan kan men daar dan ook naar handelen. Want wat goed is voor de darmen, is ook goed voor het brein. En andersom! Dat betekent dat bekende leefstijlfactoren zoals goed eten, bewegen, ontspanning en slaap positief zijn voor de algehele gezondheid en de darmen, maar óók voor het brein. Die wisselwerking verdient meer aandacht.

Meer weten? Neem contact op met Martine van der Velde via mvandervelde@yakult.nl.